Een omgeving die je helpt gezond te leven

Stel je een buurt voor waarin je naar buiten gaat omdat het er prettig is. Waar je de fiets pakt omdat dat de makkelijkste manier is om ergens te komen. Waar kinderen spelen, ouderen elkaar ontmoeten en je een kop koffie kunt drinken zonder afspraak. Waar groen en water uitnodigen om te verblijven, te bewegen of elkaar tegen te komen. Waar je je welkom voelt en gewoon mee kunt doen. Kortom: waar gezondheid begint in het gewone leven.

Hoe maken we gezonde buurten normaal?

Die vraag stond centraal tijdens de bijeenkomst DE STAP naar een vitale leefomgeving bij het Wasven eind september. Bijna 100 deelnemers uit verschillende werelden gingen met elkaar aan de slag. Niet vanuit de vraag wat inwoners anders moeten doen, maar vanuit de vraag: wat kunnen wíj anders doen zodat gezond leven vanzelfsprekender wordt? Daarbij werden we geïnspireerd door vele (inter-)nationale voorbeelden van Vincent Luyendijk*.

Anne-Marijn de Wit (GGD Brabant-Zuidoost) opende met de ambitie achter de Position Paper voor de Vitaalste regio van Nederland. “𝘈𝘭𝘴 𝘷𝘪𝘵𝘢𝘭𝘪𝘵𝘦𝘪𝘵 𝘦𝘦𝘯 𝘷𝘰𝘰𝘳𝘸𝘢𝘢𝘳𝘥𝘦 𝘪𝘴, 𝘮𝘰𝘦𝘵 𝘩𝘦𝘵 𝘰𝘰𝘬 𝘦𝘦𝘯 𝘷𝘦𝘳𝘵𝘳𝘦𝘬𝘱𝘶𝘯𝘵 𝘻𝘪𝘫𝘯 𝘷𝘢𝘯 𝘰𝘯𝘴 𝘩𝘢𝘯𝘥𝘦𝘭𝘦𝘯. 𝘋𝘦 𝘷𝘰𝘭𝘨𝘦𝘯𝘥𝘦 𝘧𝘢𝘴𝘦 𝘷𝘢𝘯 𝘉𝘳𝘢𝘪𝘯𝘱𝘰𝘳𝘵 𝘷𝘳𝘢𝘢𝘨𝘵 𝘰𝘮 𝘴𝘢𝘮𝘦𝘯𝘸𝘦𝘳𝘬𝘪𝘯𝘨 𝘸𝘢𝘢𝘳𝘪𝘯 𝘸𝘪𝘫 𝘢𝘭𝘴 𝘱𝘶𝘣𝘭𝘪𝘦𝘬𝘦 𝘦𝘯 𝘱𝘳𝘪𝘷𝘢𝘵𝘦 𝘱𝘢𝘳𝘵𝘯𝘦𝘳𝘴 𝘪𝘯 𝘥𝘦 𝘳𝘦𝘨𝘪𝘰 𝘸𝘦𝘳𝘬𝘦𝘯 𝘢𝘢𝘯 𝘦𝘦𝘯 𝘷𝘪𝘵𝘢𝘭𝘦 𝘳𝘦𝘨𝘪𝘰 𝘸𝘢𝘢𝘳𝘪𝘯 𝘨𝘦𝘻𝘰𝘯𝘥𝘩𝘦𝘪𝘥 𝘦𝘯 𝘦𝘤𝘰𝘯𝘰𝘮𝘪𝘴𝘤𝘩𝘦 𝘰𝘯𝘵𝘸𝘪𝘬𝘬𝘦𝘭𝘪𝘯𝘨 𝘦𝘭𝘬𝘢𝘢𝘳 𝘷𝘦𝘳𝘴𝘵𝘦𝘳𝘬𝘦𝘯. 𝘝𝘪𝘵𝘢𝘭𝘦 𝘪𝘯𝘸𝘰𝘯𝘦𝘳𝘴 𝘷𝘰𝘰𝘳 𝘦𝘦𝘯 𝘴𝘵𝘦𝘳𝘬𝘦 𝘉𝘳𝘢𝘪𝘯𝘱𝘰𝘳𝘵-𝘳𝘦𝘨𝘪𝘰.”

De gezonde keuze begint in de omgeving

Dat werd mooi zichtbaar in de breakout over fietsen als dagelijkse dosis vitaliteit. Meer mensen op de fiets krijgen begint niet bij een campagne, maar bij een omgeving die fietsen veilig, logisch en aantrekkelijk maakt. Werkgevers kunnen helpen, maar ook keuzes over routes, parkeren en autogebruik doen ertoe.


“Het is niet de vraag wat de inwoner moet veranderen, maar wat wij samen moeten veranderen zodat fietsen de vanzelfsprekende dagelijkse keuze wordt.”

En eigenlijk geldt dat voor veel meer dan alleen voor fietsen.


Een buurt waar je vanzelf iemand tegenkomt

Niet een gebouw waar alleen activiteiten plaatsvinden, maar een gemeenschapshub waar ontmoeting, recreatie, cultuur, leren, werken en ondersteuning samenkomen. Een plek die allerlei functies combineert en werkt als een ‘magneet van de buurt’. Binnen en buiten loopt in elkaar over en jongeren, ouderen, internationals en nieuwe inwoners voelen zich er thuis. Inwoners zijn mede-eigenaar en maken er samen van alles mogelijk. Je kunt er koken, werken, koffiedrinken of gewoon even binnenlopen en juist even niets doen!

Een vitale buurt is ook een plek waar je even alleen kunt zijn

Want ontmoeten is niet voor iedereen en op ieder moment hetzelfde. In de breakout over eenzaamheid werd duidelijk hoe belangrijk het is dat een omgeving verschillende behoeften ondersteunt. Soms wil je contact, soms juist rust. Een bankje in het groen, zicht op water, een beschutte plek, kunst of een kleine voorziening waar andere mensen zijn zonder dat je met hen hoeft te praten: ook dat kan helpen om naar buiten te gaan.

Een goede leefomgeving geeft je iets te kiezen met ruimte voor wat mensen zelf bedenken. In de breakout over Limbeek ging het letterlijk én figuurlijk over ruimte maken. Ruimte voor groen, water, spelen en veilige routes. Misschien door de oude Lijmbeek weer zichtbaar te maken en een stadsstrand te creëren. Of door tijdelijk bomen of speeltoestellen te verplaatsen en te ontdekken wat er gebeurt als je de ruimte anders gebruikt. Maar vooral ook ruimte voor initiatief. Daarbij zijn de mensen die er al wonen en werken cruciaal. Zij kennen de plek en weten vaak beter dan wie ook wat nodig is. Kijk verder dan formele participatiemomenten: benut bestaande netwerken, bewonersinitiatieven, iconische plekken en lokale ondernemers!

Van losse ideeën naar Blue Zone-buurten

De vraag in een andere breakout was groter: welke doorbraken zijn nodig om op grote schaal Blue Zone-buurten in Brainport te realiseren? Het antwoord was opvallend helder: verankeren – vertrouwen – beginnen. Veranker de ambitie in omgevingsvisies en gebiedsontwikkeling. Niet alleen stimuleren, maar ook reguleren, verplicht meenemen en waar nodig afdwingen. Betrek en waardeer de mensen en initiatieven die er al zijn. En wacht niet tot alles is uitgedacht, maar zet samen een eerste stap en leer onderweg.

Dat vraagt ook om een andere houding. Vincent Luyendijk bracht het terug naar de mentaliteit van de ‘JA-gemeente’: vertrouw op inwoners en bedrijven als experts van hun eigen plek en geef hen ruimte om mede-eigenaar te zijn. En kijk bewust naar wie je nog onvoldoende betrekt, zoals jonge meiden en mensen met een beperking.

Maak van Brainport een JA-regio

De breakouts kwamen uiteindelijk steeds op hetzelfde punt uit. Gezondheid zit niet alleen in wat iemand eet, hoeveel iemand beweegt of welke zorg iemand krijgt. Gezondheid zit ook in de straat waar je woont. In de route naar je werk. In het park om de hoek. In de plek waar je koffie drinkt. In de mensen die je tegenkomt. In de ruimte die je krijgt om zelf iets te ondernemen.

Dat maakt de vitale leefomgeving tot een gezamenlijke opgave van overheid, onderwijs, werkgevers, vastgoed, zorg, welzijn én inwoners. Maak van Brainport een ja-regio. Een regio die ruimte maakt voor wat mensen zelf bedenken. Die vertrouwen geeft. Die uitnodigt om mee te doen. Een regio waar we samen de gezonde keuze de makkelijke maken.

Colette de Vries zei het treffend bij de afsluiting: "𝘞𝘦 𝘸𝘪𝘭𝘭𝘦𝘯 𝘩𝘦𝘵 𝘷𝘢𝘯𝘥𝘢𝘢𝘨 𝘯𝘪𝘦t houden 𝘣𝘪𝘫 𝘦𝘦𝘯 𝘮𝘰𝘰𝘪𝘦 𝘴𝘦𝘴𝘴𝘪𝘦, 𝘮𝘢𝘢𝘳 𝘦𝘭𝘬𝘢𝘢𝘳 𝘷𝘪𝘯𝘥𝘦𝘯 𝘰𝘷𝘦𝘳 𝘥𝘦 𝘨𝘳𝘦𝘯𝘻𝘦𝘯 𝘷𝘢𝘯 𝘰𝘳𝘨𝘢𝘯𝘪𝘴𝘢𝘵𝘪𝘦𝘴 𝘦𝘯 𝘷𝘢𝘬𝘨𝘦𝘣𝘪𝘦𝘥𝘦𝘯 𝘩𝘦𝘦𝘯. 𝘖𝘮 𝘵𝘰𝘵 𝘥𝘦 𝘯𝘰𝘰𝘥𝘻𝘢𝘬𝘦𝘭𝘪𝘫𝘬𝘦 𝘥𝘰𝘰𝘳𝘣𝘳𝘢𝘬𝘦𝘯 𝘵𝘦 𝘬𝘰𝘮𝘦𝘯 𝘪𝘴 𝘦𝘦𝘯 𝘨𝘦𝘻𝘢𝘮𝘦𝘯𝘭𝘪𝘫𝘬𝘦 𝘰𝘱𝘥𝘳𝘢𝘤𝘩𝘵 𝘦𝘯 𝘳𝘦𝘨𝘪𝘦 𝘰𝘱 𝘩𝘦𝘵 𝘷𝘦𝘳𝘷𝘰𝘭𝘨𝘱𝘳𝘰𝘤𝘦𝘴 𝘯𝘰𝘥𝘪𝘨. Daarover binnenkort meer. 𝘞𝘢𝘯𝘵 𝘰𝘯𝘻𝘦 𝘢𝘮𝘣𝘪𝘵𝘪𝘦 𝘪𝘴 𝘴𝘵𝘦𝘷𝘪𝘨: 𝘥𝘦 𝘴𝘭𝘪𝘮𝘴𝘵𝘦 é𝘯 𝘥𝘦 𝘷𝘪𝘵𝘢𝘢𝘭𝘴𝘵𝘦."


 
*Vincent Luyendijk is auteur, spreker en adviseur over de duurzame gezonde leefomgeving. Hij ondersteunt steden en organisaties bij het ontwikkelen van toekomstgerichte duurzame strategieën. Hij schreef o.a. het boek ‘De fijne stad - inspiratieboek voor de gezonde leefomgeving”
 

oktober 2026

Previous
Previous

Praatplaat die geen prietplaat is, maar aanzet tot een hechtere buurt

Next
Next

Passende zorg begint met het juiste gesprek